Aardappelen

Aardappelen kunnen al vanaf half maart gepoot worden, er wordt daar meestal in de eerste helft van april mee begonnen. De aardappelen worden afhankelijk van het ras en potermaat op een tussenafstand van 15 tot 35 cm in de rij gepoot. Bij het poten wordt er een schimmelbestrijdend middel in de grond meegespoten waardoor de schilkwaliteit verbeterd. Tijdens de teelt wordt er regelmatig gewasbescherming uitgevoerd tegen de schimmelziekte fytoftora, alternaria en luizen.

De bemesting begint vlak na het poten met het toedienen van fosfaat voor de knolzetting. Vervolgens wordt in twee à drie maal kali en stikstof toegediend, kali tegen het blauw worden tijdens het oogsten en stikstof voor de groei.

In een droge zomer worden de aardappels beregend om toch een hoge opbrengst te kunnen halen.

Met de oogst van de vroege aardappelen worden afhankelijk van het weer ongeveer half augustus begonnen. De oogst loopt vervolgens door tot uiterlijk half oktober, al is dit ook weer afhankelijk van het weer.

Wanneer de aardappels in de bewaring zitten kunnen ze tot soms wel in juli in de koelcellen blijven totdat de afnemer Nedato de aardappelen nodig heeft. Wij transporteren ze dan met eigen vervoer naar de Nedato.

 

Pootcombinatie

Rooien
Koelcel